De oostelijke provincies van Australië, Queensland en New South Wales, hebben maandag de noodtoestand uitgeroepen in verband met de zware bosbranden. De natuurbranden zullen naar verwachting nog zwaarder worden de komende dagen. Sinds vrijdag zijn drie mensen om het leven gekomen door de branden en ruim 150 woningen zijn verwoest.

De brandweer in New South Wales waarschuwde zondag dat de branden op dinsdag nog gevaarlijker kunnen zijn. Door de beperkte middelen kunnen mogelijk niet alle hulpbehoevende personen geholpen worden.

De grootste stad van het land en de hoofdstad van New South Wales, Sydney, werd in het weekend ook bedreigd door branden, maar wist de dans te ontspringen.

Voor dinsdag is de hoogst mogelijke waarschuwing voor brand afgeroepen in de regio van Sydney. Dat voor het eerst sinds het huidige rangorde voor waarschuwingen werd geïntroduceerd in 2009. De stad met ruim 4,5 miljoen inwoners wordt omringd door droge struiksavanne.

Uit de buurprovincie Victoria komen vierhonderd extra brandweerlieden met vijftig voertuigen naar New South Wales om de lokale hulpdiensten bij te staan.

Bosbranden gevolg van droge winter

Bosbranden zijn geen ongewoon verschijnsel in Australië, maar door een bijzonder droge winter ziet het land meer branden dan gebruikelijk voor deze tijd van het jaar. De brandweer denkt dat in december, januari en februari, de Australische zomermaanden, de branden nog kunnen toenemen.

Op vrijdag gaven de Australische autoriteiten een recordaantal van zeventien noodwaarschuwingen voor bosbranden op een enkele dag af. Premier Scott Morrison zei zaterdag op Twitter dat de branden "angstaanjagend" zijn en dat de regering haar best doet om de mensen te helpen.