Suriname
This article was added by the user . TheWorldNews is not responsible for the content of the platform.

Pakittow: “Niemand gaat wat doen tegen opkomende verhogingen, omdat iedereen meevreet”

Activist Stephano ‘Pakittow’ Biervliet stelt over informatie te beschikken dat er in november prijsverhogingen in Suriname zullen worden doorgevoerd. “Ik weet dat de eerste inflatie in november gaat gebeuren. Omdat ze weten dat Surinamers in december feesten. Dus dan gaan ze de prijzen omhoog zetten in november”, zei Biervliet in een interview op radio Stanvaste.

De leider van het protest van 17 februari jl. verwacht dat niemand iets hiertegen zal doen. Ook niet de vakbonden, die naar zijn zeggen rustig zijn, omdat ze zijn omgekocht. “Niemand gaat wat doen, omdat iedereen meevreet”, stelde hij verder.

Biervliet, die ook hoofdbestuurslid is van de PRO, staat al geruime in een strafzaak terecht voor de plunderingen en vernielingen die zich op 17 februari hebben voorgedaan. Ondanks deze kwestie belooft hij voor 100% binnenkort weer met een nieuwe protestactie te komen, omdat president Chan Santokhi niets voorstelt als staatshoofd van Suriname.

Zijn strijd zal hij tot 25 mei 2025 blijven voeren. “Mi e frede gi gado. En eenmaal mi no du neks fout, dan mi naf frede gi neks. Deze man moet weg. Alle oude gasten moeten weg. Trawang e kari eng sref’ kownu. Kan je je voorstellen? Kownu fu san?”, aldus de activist.

Volgens de 30-jarige Biervliet is het tijd dat er een vernieuwing in de Surinaamse politiek komt, waar jonge leiders de kans krijgen om het land tot ontwikkeling te brengen. En daarvoor ziet hij wel genoeg jong kader in het land aanwezig.

“We hebben genoeg kader dat afgestuurd is van de universiteit die weet hebben van zaken, maar geen kans krijgen om het werk te verrichten. Alleen omdat oude, corrupte mensen de kans krijgen om het land meer te plunderen. Alle oude gasten hebben 30 tot 40 jaren de kans gehad om Suriname tot bloei te brengen. Er moet dus afgerekend worden met deze gasten. Anders Sranan o dede gwe”, aldus Biervliet.