De Europese economie moest het in het derde kwartaal opnieuw doen met een krimp (-3,9 procent) in vergelijking met dezelfde periode in 2019. Dat was wel aanzienlijk beter dan in het tweede kwartaal, toen sprake was van een daling van maar liefst 11,4 procent. Dat blijkt uit cijfers die het Europese statistiekbureau Eurostat vrijdag heeft gepubliceerd.

In het tweede kwartaal van dit jaar kreeg de economie in de Europese Unie een harde klap door de coronacrisis. Het voorbije kwartaal kwam het die dreun gedeeltelijk te boven, doordat lockdownmaatregelen werden versoepeld.

In vergelijking met het tweede kwartaal groeide de economie in de EU in het derde kwartaal met 12,1 procent. Het was de grootste stijging sinds Eurostat in 1995 begon met registreren.

Als gekeken wordt naar de negentien landen in de eurozone, was er in het voorbije kwartaal sprake van een krimp van 4,3 procent in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. Vergeleken met het tweede kwartaal veerde de economie in de eurozone met 12,7 procent op.

Het gaat om voorlopige cijfers. Op vrijdag 13 november komt Eurostat met nieuwe ramingen voor het derde kwartaal.

EU telde in september 16 miljoen werklozen

De Europese werkloosheid in september bedroeg 7,5 procent, wat vrijwel gelijk was aan augustus. Het was wel een stijging ten opzichte van september 2019, toen het percentage werklozen op 6,6 lag. Volgens Eurostat waren er vorige maand bijna 16 miljoen werklozen in de EU.

Het statistiekbureau bracht vrijdag ook cijfers naar buiten over de inflatie in oktober, die naar verwachting uitkomt op -0,3 procent. Oorzaak hiervan is vooral een daling van de energieprijzen. De prijzen voor eten, alcohol en tabak zijn in oktober wel omhooggegaan.