Er komt een einde aan de mogelijkheid om met een collectieve korting een basiszorgverzekering af te sluiten. Minister Tamara van Ark voor Medische Zorg schrijft maandag in haar antwoorden op Kamervragen ze de wijziging op 1 januari 2023 wil laten doorvoeren.

Zorgverzekeraars kunnen nu groepen, bijvoorbeeld personeel van een bedrijf, maximaal 5 procent korting geven op hun basispolis. Deze verzekerden krijgen een korting omdat ze samen de verzekeraar bepaalde kosten zouden besparen.

Volgens Van Ark kunnen de meeste zorgverzekeraars niet aannemelijk maken dat deze afspraken leiden tot een kostenbesparing. Voor een "goede werking" van het zorgstelsel is het belangrijk dat er nu stappen worden gezet om de collectiviteitskorting af te schaffen, schrijft ze.

"De collectiviteitskorting wordt niet gefinancierd op basis van een besparing op de zorguitgaven, maar via een opslag die de verzekeraar op de premie vraagt", aldus de minister. "De premie wordt eerst verhoogd om deze verhoging vervolgens aan sommigen terug te geven alsof het een korting is."

Van Ark is het er niet mee eens dat de korting vervolgens wordt betaald door andere personen die zonder korting bij dezelfde zorgverzekeraar verzekerd zijn. Daarnaast zijn kunnen bij één verzekeraar verschillende kortingspercentages gehanteerd worden.

Van Ark verwacht dat de wet vóór de zomer van 2022 is aangepast, zodat de collectiviteitskorting in het volgende kalenderjaar verdwijnt. Door deze tijdlijn aan te houden hebben volgens de minister onder meer zorgverzekeraars en werkgevers genoeg tijd om voorbereidingen te treffen voor de afschaffing van de korting.