Het aantal kroegen in Nederland stond begin dit jaar op het laagste punt sinds het CBS in 2007 is begonnen met meten, meldt het statistiekbureau donderdag. Doordat het aantal cafés vorig jaar met 3 procent daalde, zijn er voor het eerst minder dan tienduizend. Tegelijkertijd kwamen er vorig jaar juist meer cateraars en restaurants bij.

Dit laatste is opvallend, omdat restaurants en andere eetgelegenheden vorig jaar een aantal maanden de deuren gesloten moesten houden, vanwege de pandemie. Ook cateringbedrijven zijn ernstig getroffen door de contactbeperkende maatregelen, bijvoorbeeld doordat werknemers massaal gingen thuiswerken en evenementen niet doorgingen.

Desondanks steeg het aantal eetgelegenheden met 3 procent, terwijl het aantal cateraars met 13 procent toenam. Dat kwam uitsluitend door een stijging van het aantal cateraars dat zich richt op evenementen, want bedrijfscateraars zijn er juist minder. Daarnaast groeide het aantal verhuurders van vakantiehuisjes vorig jaar met 10 procent.

Vooral kleine cafés zijn verdwenen

Het aantal kroegen daalde afgelopen jaar dus, met 3 procent. Het CBS noemt geen oorzaak, maar de coronacrisis lijkt de meest voor de hand liggende verklaring. Vorig jaar verdwenen er vooral veel kleine cafés met minder dan vijf medewerkers.

Ondanks alles steeg het aantal bedrijven in de horeca vorig jaar toch, naar 72.000. Dat zijn er 5 procent meer dan een jaar eerder. Het is al het vijftiende jaar op rij dat er meer horecavestigingen zijn dan het jaar ervoor. De stijging is er bovendien in vrijwel het gehele land: 80 procent van de gemeenten zag een toename.