Netherlands
This article was added by the user Anna. TheWorldNews is not responsible for the content of the platform.

Ook met wind mee halen we de CO2-doelen nèt niet

Plannen

In de analyse van het klimaatbeleid laat het PBL zien hoever Nederland is gevorderd in het verminderen van de emissie van broeikasgassen, en berekent welke effecten nieuwe plannen zullen hebben in de periode tot 2030. Daarbij worden bandbreedtes gegeven voor de meest en minst gunstige effecten van het beleid. Het PBL heeft de streep getrokken op 1 mei van dit jaar. Niet alle plannen die zijn gepresenteerd op Prinsjesdag zijn daarom meegenomen in de modellen. Ook de plannen die nu op de formatietafel liggen vallen buiten dit rapport.

Reductie

Toch is de geraamde emissiereductie een flink stuk groter dan in de KEV van vorig jaar. Toen schatte het PBL de reductie op 30 tot 40%. In de huidige berekeningen wordt fors minder uitgestoten, van 38 tot 48% reductie. Maar het laat nog een restopgave over van 11% in het slechtste geval, en 1% in het meest gunstige. Veel van die extra procenten komen door de gunstige effecten van de CO2-heffing in de industrie, De SDE++-regeling voor het bouwen van windmolen en zonneparken, het bijmengen van biobrandstoffen en het instellen van nulemissiezones voor stadslogistiek in sommige binnensteden.

Op koers

Als de cijfers worden gelegd naast de doelen van de vijf verschillende klimaattafels uit het Klimaatakkoord, dan valt op dat elektriciteit en industrie op koers liggen om hun deel van de CO2-reductie in 2030 te halen. Maar het PBL waarschuwt wel dat er onzekerheden zijn: in sommige scenario’s neemt de uitstoot weer toe ten opzichte van 2020, vooral door de toegenomen productie. Ook de sterke stijging en daling van vraag en aanbod van elektriciteit maakt een inschatting van groene stroomproductie moeilijk. Ook in de sector mobiliteit is vooruitgang geboekt, maar daar moet nog wel wat extra maatregelen worden genomen, denkt het PBL. Zo moet er meer haast worden gemaakt met extra beleid voor het stimuleren van nulemissieauto’s en het sneller en breder uitrollen van de laadpaal-infrastructuur.

Aardgasvrij

Met de reductieopgave in de gebouwde omgeving, zoals het verduurzamen van woningen en kantoren, schiet het nog niet erg op. In het Klimaatakkoord werd ervan uitgegaan dat er in 2030 anderhalf miljoen woningen niet langer verwarmd zouden worden door aardgas, maar door de vertraging in de uitvoering van de aardgasvrije wijken wordt dat doel door het PBL niet als realistisch ingeschat. Op dit moment wordt slechts 5% van de woningen verwarmd door een aardgasvrij warmtenet. Het aantal woningen dat de warmte (grotendeels) haalt uit een warmtepomp ligt op slechts 3%. In de PBL-raming zal het aantal aardgasvrije woningen in 2030 zo’n 17,5% van de woningen bedragen. Het overgrote merendeel daarvan zijn nieuwbouwwoningen, die sinds een paar jaar niet meer met een gasaansluiting gebouwd mogen worden.

Landbouw

Ook in de landbouw schiet het niet op met de klimaatdoelen. In de glastuinbouw, een sector die veel energie verbruikt, neemt het elektriciteitsverbruik voor uitbreiding van bedrijf toe. Maar veel van die stroom wordt opgewekt door WKK0-installaties die op gas draaien. Verwacht wordt dat de markt de komende jaren nog gunstig genoeg zal blijven om op die manier stroom op te wekken, en tuinders niet snel te verleiden zijn om alternatieve warmtebronnen te gebruiken. Het PBL ziet daarom meer in nieuwe, innovatieve (teelt)technieken om het energieverbruik in de kassen te reduceren. Maatregelen in de veehouderij en akkerbouw zijn zelfs nog nauwelijks uitgewerkt in het landbouwbeleid, stelt het PBL. De maatregelen die door het rijk worden genomen zijn vooral onderdeel van de aanpak van stikstofuitstoot.