Voorbeeldfoto: brug over de Coppename rivier in Suriname.

Het feit dat de brug over de Corantijnrivier al zoveel jaren niet kon worden gebouwd, ligt volgens OW-minister Riad Nurmohamed vermoedelijk in het feit dat men geen overeenstemming kon bereiken over welk deel tot hun grondgebied toebehoort. Er is al een hele tijd discussie over wie jurisdictie krijgt over de brug en of een deel van de brug gaat behoren tot Guyana. Verschillende politici hebben hierop kritiek geleverd.

Nurmohamed reageerde woensdag hierop en zei: “Als iedereen gilt dat die brug van Suriname is, dan moeten wij betalen. Wie moet anders betalen? Wanneer dezelfde mensen die kritiek hebben met die ferryservice gaan, dan zijn ze vergeten wat ze aan kritiek hebben geleverd. Het zijn allemaal hebzuchtige mensen. Die denken aan zichzelf en niet aan het land. Dus voor die critici heb ik geen tijd. Dan zeggen ze niet: waar is de grens? Als je vaart op de rivier, dan is het niet dat je plotseling Surinamer bent en plotseling Guyanees. Dat bestaat niet. Als die brug komt, is het hetzelfde verhaal. Er is geen probleem”, zei de bewindsman woensdag voor aanvang van de Raad van Ministers (RvM)-vergadering.

Volgens Nurmohamed is de bouw van de brug al jaren in de pijplijn, maar geen enkele regering heeft iets hiermee gedaan totdat de presidenten Chan Santokhi en Irfan Ali twee jaar terug definitief een besluit hiertoe namen.

De bouw van de brug over de Corantijnrivier is nu gesteld op iets meer dan een half miljard US dollars. Op dit moment zijn de ontwerpen al afgerond. Volgens de minister wordt er nu gewerkt aan een financiële en juridische overeenkomst. Over een paar weken zal hij ook zover zijn om aan te geven wie precies de geselecteerde aannemers zullen zijn die eventueel zouden mogen beginnen.

Hij benadrukte dat hij in ieder geval niet zal toestaan dat deze brug gebouwd zal worden ten koste van het volk en de economie van Suriname.